Week 14: Waar wil je zijn?

Als je aan een kind vraagt: ‘Waar ben je?’, dan zal het antwoorden: ‘Hier!’. En meestal is dat dan ook het geval. Het kind is op de plek waar het zegt te zijn, zowel lijfelijk als ook met de aandacht. Kinderen en dronkaards spreken de waarheid, is een oud gezegde.

Hoe anders is dit bij volwassenen. Wij pretenderen vaak, of geven nogal eens de indruk, dat we ergens zijn, maar we zijn er helemaal niet. Jawel, lijfelijk zijn we aanwezig, maar met ons hoofd zijn we elders. Sommigen leggen dit positief uit als multitasken, maar in feite heb je er gewoonweg de aandacht niet bij. Ieder van ons kan daar wel een voorbeeld bij bedenken, al was het maar dat je tijdens het bellen over het internet aan het surfen bent. In mindfulnesstaal heet dit dat je uit de zijn-modus bent en in de doe-stand.

Door iedere dag te mediteren, oefen je in het houden van de aandacht waar je die wilt hebben. Je traint jezelf om afleidingen te herkennen als afleiding en je aandacht steeds terug te richten op de ademhaling. Buiten de meditatie om, tijdens de dagelijkse bezigheden, heb je hier in toenemende mate profijt van en herken je in alle bedrijvigheid eveneens de gedachten die je afleiden.

Het is beslist niet zo dat afleidingen verkeerd zijn; het gaat erom dat je tijdig signaleert dat je op een zijpad bent beland zodat je een keuze kunt maken waar je wilt zijn met je aandacht. Want als de afleiding de gedachte is aan iets prettigs, dan wil je daar het liefst even blijven. Maar als je steeds wordt afgeleid door negatief gepieker, wellicht dat het dan handig is om dit tijdig te herkennen en de keuze te maken voor een meer helpende gedachte.

Dagelijks mediteren zorgt voor het creëren van keuzevrijheid in het denken. Je doorziet steeds vaker je automatismen en daarmee herken je het verschil in doe- en zijnmodus. Herkennen is bewustworden en dat leidt weer naar juiste aandacht.